De bourrée d’Auvergne, ook wel bourrée auvergnate, wordt ook wel gezien als de moeder van alle bourrées. In de Nederlandse Balfolk ook bekend als de bourrée in 3.
Koppels staan los in de ruimte en hebben de handen los. Je stelt je als koppel naast elkaar op met de rechterschouders naast elkaar; je kijkt dus in tegengestelde richting. Er wordt gespiegeld bewogen rondom een denkbeeldig punt in de ruimte.
De dans is heel aards. Je blijft laag, knieën licht gebogen, hoofd blijft op één horizontale lijn (dus geen hoog-laag beweging).
De basispas is een driepas. Met welke voet men begint is niet vastgelegd.
Ook qua figuren is officieel is niets vastgelegd, maar als houvast kan de volgende volgorde dienen die op bals te doen gebruikelijk is:
Banaan (heen)
Banaan (terug)
De figuur die op de grond wordt afgelegd is banaanvormig, vandaar de naam “banaan”.
Rond
De dansers cirkelen om elkaar heen, richting is niet vastgelegd. Er mag ook van richting gewisseld worden.
Eén van beide dansers kan bovendien om eigen as draaien; ook hier is de richting niet vastgelegd. Gebruikelijk is dat de asdraaiende tegengesteld draait aan de paar-draai.
Aan het einde van de banaan kan men frappés doen. Dit zijn lichte stampjes. Let wel dat deze frappés afhankelijk van je schoeisel en de vloer al dan niet geluid kunnen maken. Met harde zolen (bijvoorbeeld een houten hak) kun je geluid produceren, met bijvoorbeeld danssneakers is dit eigenlijk niet mogelijk. Probeer je dit toch te forceren dan is er risico op blessures.
Er zijn enorm veel varianten mogelijk aangezien er niets is vastgelegd.
Voorbeeld: stel je bent de banaan begonnen met L. Dan zou je het volgende kunnen doen:
1: L R L / 2: R L R / 3: L – R-stamp / 4: R-stamp – –
En vervolgens met L weer op de terugweg naar links
Bij een vrijere dans kunnen bijvoorbeeld richtingsveranderingen en andere initiatieven aangekondigd worden met een frappé.